Domkerk hoofdorgel

Algemeen | Dispositie | Afbeeldingen | Audio
Plaats: Utrecht (gemeente Utrecht)
Bouwjaar: 1571 - 1831
Orgelmaker(s): Peter Jansz. de Swart en de gebroeders Johan en Jonathan Bätz
Organist(en): Jan Hage

Al in het jaar 1342 is in de Utrechtse Domkerk een orgel aanwezig, dat - na de kerkverbouwing in gotische stijl - in 1481 naar de oostwand van het noordertransept werd verplaatst. Het instrument werd in 1569 vervangen door een nieuw drieklaviers orgel met vrij pedaal van Peter Jansz. de Swart. In 1779 achtte de nieuwbenoemde organist Frederik Nieuwenhuijsen grondige herstelwerkzaamheden aan het orgel noodzakelijk en stelde met Gideon Thomas Bätz een restauratieplan op. Uiteindelijk gaf de kerkvoogdij in 1825 aan Johan en Jonathan Bätz de opdracht voor het bouwen van het huidige orgel. De architect Tieleman Franciscus Suys (1783 - 1861), hoogleraar aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten te Amsterdam, ontwierp de orgelkas, die aansluit bij de gotische ruimte. Onder invloed van Nieuwenhuijsen werd een groot aantal registers uit het 16e-eeuwse orgel in het nieuwe rugwerk geplaatst.

Van 1865 tot 1911 werden door achtereenvolgens C.G.F. Witte, J.F. Witte en J. de Koff ingrijpende wijzigingen uitgevoerd. Zo werd de van oorsprong witte kas overgeschilderd in imitatie-eiken, werd de intonatie herzien en maakten acht registers plaats voor meer romantisch gekleurde exemplaren. Na de aanleg van een verwarmingssysteem in de jaren vijftig had het orgel erg te lijden van grote temperatuurswisselingen. Dit had tot gevolg dat het instrument in 1973 vrijwel onbespeelbaar was geworden. 
Het orgel is in 1974-1975 volledig gerestaureerd door Van Vulpen, waarbij de situatie van 1831 als uitgangspunt diende. Wel bleef de zwelkast gehandhaafd, die in 1911 om het bovenwerk was aangebracht. Het orgel is met zijn tweeënvijftig registers het pronkstuk van de provincie.

 

Afscheid Jan Jansen

Huidige dispositie

Hoofdwerk [II] C - f3
Prestant 16'   
Bourdon 16'
Octaaf 8'
Roerfluit 8'
Octaaf 4'
Gemshoorn 4'
Quint 3'
Octaaf 2'
Woudfluit 2'
Mixtuur IV-VIII B/D
Sexquialter IV D
Fagot 16'
Trompet 8'

Rugwerk [I] C - f3
Prestant 8'
Holpijp 8'
Quintadeen 8'
Octaaf 4'
Roerfluit 4'
Quint 3'
Octaaf 2'
Fluit 2'
Mixtuur III-VI
Scherp III-IV
Cornet V
Trompet 8'
Tousijn 8' B/D
Tremulant

Bovenwerk [III] C - f3
Prestant 8'
Holpijp 8'
Fluit travers 8' c0
Baarpijp 8'
Viola di gamba 8'
Octaaf 4'
Open fluit 4'
Roerquint 3'
Gemshoorn 2'
Flageolet 1'
Carillon III  f0
Echotrompet 8'
Vox Humana 8' B/D
Tremulant

Pedaal C - f1
Prestant 16'
Subbas 16'
Octaafbas 8'
Fluitbas 8'
Roerquint 6'
Octaaf 4'
Mixtuur IV
Bazuin 16'
Trombone 8'
Trompet 4'
Cinq 2'

Koppelingen: HW-RW, HW-BW, RW-HW, Ped-HW (trede), Ped-RW
Afsluiters: HW, RW, BW, Ped
Tremulanten: BW, gehele werk
Toonhoogte: a1 = 435 Hz.
Stemming: gelijkzwevend
Windvoorziening: 6 regulateurs
Winddruk: HW: 82 mm
RP, BW, Ped: 78 mm
Ventiel
Kalkanteklok

Stoffel van Viegen op het orgel van de Domkerk. Het geluidsfragment van Stoffel van Viegen is afkomstig van de CD 'Nederlandse Orgelpracht' uitgegeven door Fidelio Prestant WLS 10.



Jan Jansen op het orgel van de Domkerk. Schmücke dich, o liebe Seele (BWV 654) van de CD: Jan Jansen Bätzorgel (1831) Domkerk Utrecht. De CD is verkrijgbaar in de winkel in de Domkerk.





Afscheid Jan Jansen

 
 
Webdesign Utrecht » SPRANQ