Doopsgezinde Kerk

Algemeen | Dispositie | Afbeeldingen | Audio
Plaats: Utrecht (gemeente Utrecht)
Bouwjaar: 1869
Orgelmaker(s):
Organist(en): Jaap Huijbers

Orgelhistorie
In 1765 werd het eerste orgel in gebruik genomen. Het instrument had één klavier met 10 registers. Het instrument werd gebouwd door Johann Heinrich Hartmann Bätz en in 1773 gewijzigd door zijn zonen Gideon Thomas en Christoffel. In dat jaar bracht G.T. Bätz het orgel dat zijn vader in 1765 bouwde naar het nieuwe kerkgebouw over en verdeelde hij de registers over twee klavieren. In 1796 verlaagde hij de mixtuur-samenstelling en voegde hij een Trompet 8' toe. In 1869 werd dit orgel verkocht naar Katwijk aan Zee, waar het thans in de Gereformeerde Vredeskerk staat opgesteld.

1869/1870 Chr. G. F. Witte 
In 1869 achtte men het nodig een nieuw orgel te plaatsen dat op 27 maart 1870 in gebruik werd genomen. Het orgel werd vervaardigd door de Utrechtse orgelmaker Witte, het snijwerk werd vervaardigd door de heer J. Rijnhout.

1913 J. de Koff
Wijziging van de dispositie van het tweede manuaal, plaatsing van een pedaalklavier met pneumatische lade. Het tweede klavier werd geplaatst in een zgn. zwelkast.  

In 1922 moest het snijwerk worden aangepast aan het door restauratie van de kerkzaal veranderde interieur. Het oude snijwerk werd verwijderd en er werd een nieuw uiterlijk aan het orgel gegeven. 

1964 J. de Koff
Tijdens de restauratie in 1964 werd de in 1913 aangebrachte zwelkast verwijderd en werden er enige dispositiewijzigingen doorgevoerd. Het nieuwe pijpwerk werd gemaakt bij de firma Stinkens in Zeist.

Huidige dispositie

Hoofdwerk [I] C - f3 
Bourdon 16'
Prestant 8' 
Roerfluit 8'
Octaaf 4'
Roerfluit 4' 
Mixtuur 2-4 st. (deels 1964) 
Trompet 8' B/D

Bovenwerk [II] C - f3 
Holpijp 8' 
Gamba 8'
Prestant 4' (1964) 
Fluit 4'
Woudfluit 2' (1964) 
Nasard 1 1/3'

Pedaal C - d1
Subbas 16'
(pneumatisch 1913)

Koppelingen: Hw-Bw, Ped-Hw (1913), Ped-Bw (1913)

 





 
 
Webdesign Utrecht » SPRANQ